Geriater Dr. Erik Lambrecht over verwardheid

AZ Nikolaas - Sint-Niklaas - Hamme België
geriatrie

info@geriater-lambrecht.be
+32478666906

 


Geriater Dr. Erik Lambrecht over verwardheid

GA NAAR : (klik on de link hieronder)

Inleiding en definitie

Inleiding

Verwardheid bij senioren kunnen wij meestal verdelen onder: acute verwardheid (delirium) en dementie.

Zowel het delirium als dementie vertonen een totale stoornis van het verstandelijk functioneren waarbij het herinneren, het waarnemen en het denken aangetast zijn. Beide syndromen bestaan uit een aantal verschijnselen met een onderling verband. Vooral het delirium wordt hier besproken, daar dementie reeds uitvoerig aan bod kwam.

Definitie van het delirium

Het delirium, afgeleid van het Latijnse woord 'lira' (groeve of spoor), betekent "ontsporing", in het Grieks komt ons het woord "lêros" bekend voor, wat betekent "gekkenpraat". Het delirium is een voorbijgaande acute psycho-organische stoornis ontstaan door bvb. een lichamelijke aandoening, medicijnen maar waarschijnlijk ook door blootstelling aan langdurige stress. Het is een veel voorkomend verschijnsel bij de geriatrische patiënt. Het heeft een grote invloed niet alleen op de patiënt, maar ook op de omgeving en op de maatschappij.

Symptomen van het delirant syndroom

Symptomen of verschijnselen van het delirant syndroom

  • waandenkbeelden
  • neurologische symptomen (zoals o.a. incontinentie voor urine, bevingen en geheugenstoornissen)
  • verminderd concentratievermogen
  • zich minder bewust zijn van zichzelf en van zijn omgeving
  • radeloosheid, geprikkeldheid, angst
  • taalstoornissen
  • verhoogde of juist verlaagde waakzaamheid
  • verhoogde autonome activiteit (blossen in het gezicht, verhoogde transpiratie, wijde pupillen, neurose van het hart waarbij aanvallen met zeer snelle hartslag voorkomen, hypertensie) meestal veroorzaakt bij een delier door anticholinerge medicatie
  • gedaald bewustzijn
  • denkstoornissen en verwardheid
  • hallucinaties

Oorzaken

Belangrijkste oorzaken van delirium

  • acute stopzetting van chronische medicatie
  • plotse alcoholonttrekking
  • C.V.A.
  • hartinfarct
  • hersentumor
  • acute infecties
  • intoxicatie met medicatie
  • hormonale aandoeningen
  • hartfalen
  • metabole stoornissen (o.a. nierfalen of leverinsufficiëntie)
  • hersentrauma

Diagnose

Het delirium verschilt van het dementiesyndroom door het acute begin, het wisselende beeld dat men tijdens de dag krijgt, de aandacht- en concentratiestoornissen en het verlaagde bewustzijn. Let op de plotselinge veranderingen in het gedrag van de demente patiënt, hij of zij reageert op een plotse ziektetoestand vaak met snel optredende verwardheid. Vandaar een grotere kans op een delirium bij deze personen.

Delirium als syndroom

Bewustzijnstoornis

  • Verminderd concentratievermogen.
  • Moeilijkheden om de aandacht vast te houden.
  • Moeilijkheden om de aandacht te verplaatsen.

Verandering in cognitieve functie

  • Ontwikkelen van een waarnemingsstoornis. Hallucinaties en illusies kunnen ontstaan, deze hebben meestal een visueel karakter, maar ook andere zintuiglijke waarnemingen kunnen eveneens vertekend worden. Sommige patiënten nemen soms onverantwoorde, gevaarlijke beslissingen omdat ze zo overtuigd zijn van hun waanvoorstellingen.
  • Geheugenstoornissen, vooral opvallend voor het recente geheugen waardoor tevens gebrek aan inprentingsvermogen ontstaat.
  • Verwarring in tijd en ruimte (vandaar dat de patiënten soms vertrouwde personen niet meer herkennen).
  • Taalstoornissen kunnen optreden, waardoor benoemen van bvb. zaken uit hun omgeving moeilijk wordt. Het gesprek wordt soms heel verwarrend, er is geen samenhang in de zinnen met gedachtensprongen, die voor de omgeving niet te volgen zijn. Het wordt soms onmogelijk het verstandelijk functioneren nog te beoordelen doordat de aandacht zo zwak is, en het contact zo moeilijk is geworden.

Gestoorde psychomotorische activiteit en slaapwaakritme

  • Het gedrag van de patiënt (verbaal en non-verbaal) is heel veranderlijk. Sommige patiënten zijn te weinig actief, anderen zijn juist hyperactief. Er zijn personen waar periodes van hyper- en hypoactief (te weinig actief) gedrag afwisselt. Periodes van passiviteit welke zich uiten in vertraagde motoriek en langzaam vertraagd spreken treden op, periodes van zwijgzaamheid worden soms niet opgemerkt, maar verbale en motorische onrust vallen des te meer op.
  • Onrustig slapen en slapeloze nachten komen dikwijls voor bij delirante patiënten, vandaar soms het omgekeerde dagnachtritme of nachtelijke onrust en slaperigheid overdag (de omgeving spreekt dan meestal over: "hij neemt de dag voor de nacht").

Typisch (sub)-acuut ontstaan en wisselend verloop

  • Kenmerkend voor een delirium is dat de stoornis zich in korte tijd ontwikkelt (meestal in uren tot dagen).
  • Eens het delirium begonnen is, merken wij een karakteristiek verloop: tijdens de dag wisselen heldere momenten af met benevelde periodes. Meestal 's avonds of 's nachts wordt een opflakkering van het delirium vastgesteld.

Onderliggende organische oorzaken

  • Het ontstaan van een delirium kent heel wat oorzaken. Naast direct uitlokkende oorzaken , bevindt de patiënt zich soms in een situatie waarbij een delirium makkelijker kan ontstaan, of zijn er bijkomende zaken die de oudere minder weerbaar maken zodat een delirium kan optreden.
  • Senioren met cognitieve (verstandelijke) beperkingen kunnen minder aan, en zullen vlugger delirant worden. Wanneer deze ouderen opgenomen worden in een intensieve zorgenafdeling is de kans groot dat een delirium zal optreden. Het ontstaan van een delirium begrijpen, is ook rekening houden met de omgeving van de oudere en met wat de oudere nog aankan.
  • Een delirium kan ontstaan door een verstoorde hersenfunctie, zoals bvb. een acuut hersentrauma of een aanwezige hersentumor.
  • Oorzaken van buitenaf zoals geneesmiddelen en drugs
  • De oorzaak wordt niet altijd gevonden. Het is wel een vaststaand feit dat heel veel oorzaken een delirium als gevolg kunnen hebben.

Differentiële diagnose van het syndroom delirium en dementie

(bron: "VERWARDHEID" door W. Pelemans)

Kenmerk

Delirium

Dementie

begin

plots, dikwijls 's nachts

geleidelijk

duur

minder dan 1 maand

meer dan 1 maand

verloop

fluctuerend overdag; slechter 's nachts

geen dagschommelingen

bewustzijn

gedaald

normaal

aandacht

steeds gestoord, gemakkelijk afgeleid

meestal normaal

oriëntatie

steeds gestoord, minstens in tijd

fluctuerend

geheugenstoornissen

onmiddellijk en recentgeheugen

recent en ver

denken

eerder incoherent

verarmd

waarneming

frequente hallucinaties

zelden hallucinaties

slaapwaakcyclus

steeds gestoord

fragmentarisch

lichamelijke ziekte

steeds aanwezig

dikwijls afwezig

Behandeling en verloop van een delier

  • een delirium moet eerst en vooral causaal behandeld worden. Dat wil zeggen dat in eerste instantie de oorzaak dient behandeld te worden en optimaliseren van de lichamelijke toestand moet worden nagestreefd.

Medicatie

  • een antipsychoticum wordt toegediend aan patiënten met hevige angsten en psychomotorische onrust. Meestal is dit Haloperidol (Haldol), deze medicatie heeft weinig invloed op lever, hart en bloeddruk.
  • benzodiazepinen zijn van toepassing voor een alcoholonttrekkingsdelier.

Psychohygiënische maatregelen

  • de patiënt beschermen en steunen. Beschermende maatregelen zoals onrusthekkens aan het bed en Zweedse band of lendengordel zijn vaak noodzakelijk. De patiënt mag niet teveel alleen gelaten worden en individuele begeleiding is van toepassing.
    De zieke kan onder invloed van waanvoorstellingen en hallucinaties zichzelf verwonden.
  • omdat de patiënt zich beter zou kunnen ori&ezuml;nteren, zorgen voor vaste herkenningspunten in zijn omgeving, zoals foto's, kalender, een klok, een bloemetje op de tafel.
  • zorgen voor evenwicht en rust door een vaste dagstructuur, stimuleren van de zintuiglijke waarneming door te zorgen voor voldoende licht, zachte muziek, terugzenden van gehoorapparaat, enz.

Verloop

De familie moet worden ingelicht over de lichamelijke toestand als oorzaak van het delirium. Ze moet ook worden uitgelegd dat de delirante toestand bijna altijd van voorbijgaande aard is. Meestal herstellen de patiënten volledig van hun delirium.
Toch gaat het delirium gepaard met een sterftecijfer van 20% tot 30%, dit is geheel te wijten aan de onderliggende ziekte.